Header Sfeerbeeld nazomer potten met stiften school begint

steun adv kwd

Volg ons op facebook

Vierentwintigste zondag door het jaar C

Aandacht voor wie verloren loopt

Bijbel

Hier vind je een navertelling van de evangelielezing van deze zondag.
De andere lezingen uit het Oude en/of Nieuwe Testament worden vermeld.
De verwerkingen zijn gebaseerd op het Evangelie.

Navertelling Lucas 15,1-32

De evangelielezing van vandaag is Lucas 15,1-32. Voor de jongste kinderen kan de navertelling gebruikt worden, voor wat oudere kinderen is de vertaling uit b.v. de Bijbel in Gewone Taal of het Evangelieboek voor kinderen ook heel goed te begrijpen.

Een vader met twee zonen

Jezus vertelde een verhaal. Er was eens een boer met twee zonen. Op een dag zei de jongste zoon tegen zijn vader: “Vader, geef mij alvast mijn deel van de erfenis.” Zijn vader gaf hem zijn deel en snel daarna trok zijn jongste zoon de wijde wereld in. Hij had een lui leventje, totdat zijn geld op was. Toen moest hij gaan werken. In het verre land waar hij woonde was honger. Niemand had genoeg te eten. De jongen vond uiteindelijk een baantje als oppas bij de varkens. Hij zag dat de varkens nog meer te eten hadden dan hij. Zittend bij hun voerbak bedacht hij dat hij beter knecht bij zijn vader kon zijn.
Hij trok naar huis. Onderweg bedacht hij dat hij tegen zijn vader zou zeggen: “Het spijt me, vader. Ik ben niet goed genoeg om uw kind te zijn. Maar misschien mag ik wel als knecht bij u werken.“
verloren zoonZijn vader stond op de uitkijk en zag hem van ver al aankomen. Hij rende naar hem toe en sloot hem in zijn armen. “Het spijt me, vader, ik ben niet goed genoeg om uw kind te zijn…”, begon de jongen. Maar de vader zei: “Wat ben ik blij dat je nog leeft. Kom, we bouwen een feestje.”

Ondertussen kwam de oudste zoon terug van het werk. Hij hoorde muziek en snapte er niets van. “Wat is er aan de hand?”, vroeg hij. “Je broer is teruggekomen”, vertelden ze hem. Toen werd de oudste zoon woedend. Hij wilde niet naar binnen. Zijn vader kwam naar buiten en vroeg hem ook te komen feesten. Maar de oudste zoon zei: “Ik ben al die jaren bij u gebleven en ik heb hard gewerkt. Nooit heeft u een feestje voor mij gebouwd. En nu komt die andere zoon van u thuis. Hij heeft al uw geld weggesmeten. Voor hem wordt er meteen van alles uit de kast gehaald.” “Oh, oh, zoon,” zei de vader, “jij was er altijd. Alles wat van mij is is ook van jou. Maar nu ben ik zo blij en wil ik feesten. Je broertje leek dood en nu is hij er weer, hij was kwijt en nu is hij weer gevonden. ”

Dit is het Woord van God
Kinderen: Wij danken God

Artikelen in dit thema Vierentwintigste zondag door het jaar C