Header Sfeerbeeld nazomer potten met stiften school begint

steun adv kwd

Volg ons op facebook

Negenentwintigste zondag door het jaar C

Geef niet op!

zondag 20 oktober 2019

Verwerking

Een verwerking dient om het gesprek met en tussen de kinderen op gang te helpen. Het is er op gericht om het Evangelie en het leven van de kinderen samen te brengen. Door op een speelse manier om te gaan met het Evangelie ontstaat er contact en beleving.

Verwerkingen kunnen gesprekken zijn, gevolgd door een activiteit, een spel, een knutsel of een werkblad. Deze laatste elementen worden gevonden onder de knop Extra's.

Gesprek met de kinderen

De weduwe uit het bijbelverhaal voelde zich niet gezien of gehoord door de rechter.
Via het gesprekje dat u met de kinderen voerde voordat u de bijbellezing voorlas, kunnen de kinderen gemerkt hebben dat zij dat gevoel ook kennen. Vraag aan de kinderen hoe het verhaal afgelopen is voor de weduwe. (de weduwe vindt uiteindelijk wel gehoor bij de rechter)
Hebben zij dat zelf ook gemerkt toen ze de aandacht van de juf of meester wilden trekken, dat ze opeens wel opgemerkt werden? Hadden ze dat wel verwacht? Waarom? (Juf let altijd goed op, meester geeft bijna iedereen een beurt bijvoorbeeld) Vertel de kinderen dat dit vertrouwen heet.

Maak de overgang naar het God ergens om vragen. We noemen dat bidden. Informeer kort of de kinderen wel eens bidden. Is dat dan voor henzelf, of bidden ze ook voor anderen?

Laat de kinderen nu aan elkaar vertellen waar ze goed in zijn: bv. in tekenen of voorlezen, of sporten. En vertel ze aansluitend dat God mensen vaak vraagt om met hun goede eigenschappen of vaardigheden anderen te helpen. Als je in het gebed God om iets vraagt voor een ander, zal Hij je vraag misschien niet zomaar vervullen, maar juist jóu vragen om met de gaven die jij hebt te ontdekken hoe je anderen kunt helpen.

lieve-papa-tekeningStimuleert u de kinderen voorbeelden te geven van hoe zij dat wat ze goed kunnen in kunnen zetten voor anderen. Als je mooi kunt tekenen kun je met je tekening iemand opvrolijken, bijvoorbeeld.

Aan het eind van het gesprek gaat u nog even terug naar het onderwerp bidden. Vertel de kinderen dat ze God vooral moeten blijven bidden om de goede afloop van iets. Maar dat het daarbij niet hoeft te blijven: zelf kunnen ze meewerken aan het laten uitkomen van het gebed door hun gaven (dat wat ze goed kunnen) in te zetten. Zo zorgen ze ook dat gebeden verhoord worden.

Sluit het gesprek af met een kleurplaat voor de kleintjes of een stripverhaal voor de wat oudere kinderen. U vindt deze bij de Extra's.

Artikelen in dit thema Negenentwintigste zondag door het jaar C